Digitalisering en AI veranderen het werk in hoog tempo, maar leiden niet vanzelf tot hogere productiviteit of minder werkdruk. Dat blijkt uit de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) van TNO en CBS, waarin werknemers en werkgevers hun ervaringen delen. Hoewel werkprocessen vaak efficiënter worden, blijft de vraag wat er gebeurt met de vrijgekomen tijd: die vertaalt zich niet altijd in minder belasting of meer ruimte voor herstel, waardoor ook de mentale druk een aandachtspunt blijft.
Shutterstock

Technologie geldt vaak als motor van grote veranderingen op de werkvloer, toch verwacht ruim zestig procent van de werknemers dat hun werk over vijf jaar nog grotendeels hetzelfde is.

Minder dan een derde rekent op ingrijpende veranderingen, en wie dat wel verwacht, wijst vooral op de impact van nieuwe technologie.

Verreweg de meeste werkgevers (90%) houden zich bezig met hoe het werk de komende jaren gaat veranderen.

Van die groep verwacht bijna de helft (46%) vooral invloed van technologie op het werk en haast 40% verwacht een toename van de productiviteit.

Zowel werkgevers als werknemers die verandering verwachten, maken zich zorgen over de mentale belasting van werk in de komende jaren

Zowel werkgevers als werknemers die verandering verwachten, maken zich zorgen over de mentale belasting van werk in de komende jaren. Ongeveer een derde bij beide groepen verwacht een toename. Dat blijkt uit nieuw onderzoek* van TNO onder werknemers en werkgevers in Nederland.

Veel mensen ervaren verandering, maar nauwelijks toename waarneembaar

Meer dan de helft van de werknemers maakt elk jaar een verandering op het werk mee. Dat aandeel steeg nauwelijks sinds 2016. Ook bij technologische veranderingen zien onderzoekers geen duidelijke toename: ruim een derde van de werknemers ervaart jaarlijks zo’n verandering, maar dit percentage blijft al jaren stabiel.

Werkgevers schetsen een vergelijkbaar beeld en geven niet vaker aan dat ze de afgelopen jaren veranderingen doorvoerden in producten, diensten of werkprocessen. Ondanks het publieke beeld dat technologie zich razendsnel ontwikkelt, ervaren werknemers noch werkgevers een steeds hoger tempo van verandering.

Technologie verandert het werk, maar grote verschillen tussen sectoren

Werknemers in de ICT-sector en de financiële dienstverlening ervaren de meeste veranderingen. Zij noemen technologische veranderingen ook het vaakst. In sectoren zoals de landbouw en de horeca zien werknemers juist weinig verandering en zetten ze nieuwe technologie maar beperkt in.

Kijkend naar de toekomst verwacht iets meer dan dertig procent van de werknemers dat hun werk over vijf jaar verandert. Van die groep denkt bijna 75 procent dat technologie daarbij een rol speelt. Van de groep werknemers die veranderingen in hun werk verwacht, denkt haast 40% dat het werk minder leuk wordt en iets meer dan 40% dat er meer toezicht zal worden gehouden op het werk. Tot slot valt op dat ook iets meer dan 40% van de werknemers verwacht dat het werk makkelijker wordt (zie figuur 1).

Figuur 1. Verwachte veranderingen van werknemers over het eigen werk over 5 jaar (subgroep: deel van de werknemers dat veranderingen verwacht). Bron: NEA 2024 (TNO / CBS, 2025).

HR Day 2026 op donderdag 29 okt draait om ‘The Design of Work’: hoe je werk toekomstbestendig en mensgericht kunt inrichten. Met o.a. CHRO of the Year Edyta Jakubek, teamcoach Tica Peeman en L&D-expert Jeanne Bakker. Ontmoet 300+ HR-professionals en doe nieuwe inzichten op.

Werkgevers zien kansen voor hogere productiviteit

Werkgevers die zich met de toekomst van werk bezighouden zijn relatief positief over de ontwikkeling van de productiviteit. Bijna veertig procent verwacht dat de productiviteit de komende jaren stijgt (zie figuur 2). In de ICT-sector loopt dit aandeel op tot 56 procent.

Daarnaast verwachten werkgevers dat het werk complexer wordt, in tegenstelling tot werknemers. Werknemers merken nu al productiviteitswinst: ongeveer 40 procent zegt dankzij technologie meer werk in dezelfde tijd te kunnen doen. Tegelijkertijd leidt hogere productiviteit echter niet automatisch tot minder werkdruk.

Figuur 2: Verwachte veranderingen in de komende 5 jaar volgens werkgevers (subgroep: deel van de werkgevers dat incidenteel of structureel over de toekomst van werk nadenkt). Bron: WEA 2024 (TNO).

Mentale belasting blijft grote zorg

Over mentale belasting zijn werknemers en werkgevers het eens: die neemt naar verwachting toe. Ongeveer een derde van de werkgevers die zich met de toekomst van werk bezighoudt verwacht dat. Net als een derde van de werknemers die verwacht dat het werk verandert. Die verwachtingen sluiten aan bij een zorgelijke trend: het aandeel werknemers met burn-outklachten steeg van veertien procent in 2014 naar 20 procent in 2024.

Ondanks jarenlange aandacht voor stress en werkdruk lukt het nog niet om deze trend te keren. Vooral in het onderwijs en de zorg zijn de verwachtingen somber. In de zorg verwacht 54 procent van de werknemers dat de mentale belasting verder toeneemt; in het onderwijs is dat 45 procent, tegenover 34 procent gemiddeld in Nederland.

*De gegevens werden verzameld uit de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) van TNO en CBS (2025) en de Werkgevers Enquête Arbeid (WEA) van TNO (2024). Een representatieve groep werknemers (ongeveer 60.000) en werkgevers (ongeveer 6000) beantwoordde vragen over veranderingen in het werk tussen 2016 en 2024 en verwachtingen voor de komende vijf jaar. De aanvullende analyse is tot stand gekomen met subsidie van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

 

LEES OOK:

Met één klik complexe HR-vragen beantwoorden, efficiënter omspringen met arbeidsrechtelijke kwesties, makkelijk kandidaten screenen én effectiever talent managen. Volg deze masterclass en leer hoe AI en ChatGPT jouw dagelijkse werkzaamheden kunnen transformeren in alle belangrijke HR-domeinen.