Een pakketbedrijf dat de fysieke belasting van medewerkers onvoldoende had geïnventariseerd en aangepakt, kreeg van de minister een eis tot naleving opgelegd. De rechtbank bevestigt dat werkgevers verplicht zijn de risico's in de RI&E op te nemen en passende maatregelen te treffen om gezondheidsklachten te voorkomen.
Shutterstock

Werkgevers moeten de fysieke belasting van hun werknemers beperken. Daarvoor zijn ze verplicht een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) op te stellen. Zo niet, dan kan de minister een ‘eis tot naleving’ opleggen.

In het najaar van 2023 besluit de Nederlandse Arbeidsinspectie de pakketdienstenbranche te inspecteren. Daarbij wordt vooral gekeken naar de fysieke belasting van medewerkers die pakketten moeten tillen. Op grond van deze inspecties legt de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan een pakkettenbedrijf twee eisen tot naleving op.

Overtredingen van het Arbobesluit

Dit bedrijf heeft de veiligheids- en gezondheidsaspecten van de fysieke belasting niet beoordeeld in een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). Ook heeft dit bedrijf de arbeid en de arbeidsplaatsen zodanig georganiseerd, een bepaalde productie- en werkmethode toegepast en zodanige hulpmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen gebruikt, dat de gevaren door fysieke belasting onvoldoende worden beperkt. Dit zijn overtredingen van het Arbobesluit.

Geen bestuurlijke sanctie

Zo’n eis tot naleving is geen bestuurlijke sanctie. Het is een zogenoemde enkele last, die een bestuursorgaan (hier: de minister) de bevoegdheid geeft om een burger of een onderneming te verplichten bepaalde handelingen te verrichten om zo wettelijke voorschriften na te leven.

Maatregelen

In deze last staat dat het bedrijf binnen drie maanden een RI&E moet opstellen waarin zij de veiligheids- en gezondheidsaspecten van de fysieke belasting beoordeelt. Ook moet het bedrijf een schriftelijk plan van aanpak overleggen waarin staat hoe zij aantoonbaar ervoor zorgt dat de fysieke belasting geen verhoogd risico voor de gezondheid van de werknemer vormt.

Tot slot moet het bedrijf binnen drie maanden minimaal tien door de minister genoemde maatregelen nemen ter beperking of voorkoming van fysieke belasting. Het bedrijf vindt dat deze verplichtingen te ver gaan en legt dit voor aan de bestuursrechter van de rechtbank Oost-Brabant.

Actuele jurisprudentie zorgt ervoor dat de interpretatie en toepassing van regels rondom ontslag, ontslagvergoedingen, het inhuren van zzp’ers en zieke medewerkers voortdurend veranderen. Deze live online masterclass brengt je in twee ochtenden weer helemaal up-to-date.

Beleidsvrijheid

Met de Arbowet – en het daarop gebaseerde Arbobesluit – beoogde de wetgever dat werkgevers worden belast met de zorg voor de veiligheid en de gezondheid van zijn werknemers, voor zover dit het werk betreft. Door het verplicht opstellen van een RI&E is een werkgever tenminste zelf op de hoogte van de basisnormen.

Werkgevers hebben een grote mate van beleidsvrijheid om dit in te vullen maar ze hebben tegelijk de verantwoordelijkheid om een deugdelijke inschatting te maken van de risico’s die het werk voor hun personeel meebrengt. Dit pakketbedrijf vindt dat de minister de risico’s niet juist heeft ingeschat. Die had daarom ook niet de maatregelen mogen opleggen. Het bedrijf beperkt de gevaren voor haar medewerkers al zoveel mogelijk – vindt het bedrijf zelf.

Tekortgeschoten

De rechtbank denkt daar toch anders over. Die oordeelt dat de minister op grond van de bevindingen van de Arbeidsinspectie mocht stellen dat de werkgever tekortschiet in de naleving van het Arbobesluit. De beoordeling van de fysieke belasting die het bedrijf op grond van de RI&E moet maken, in combinatie met het definitieve plan van aanpak, vormen de basis van de maatregelen die de werkgever moet nemen.

Pas wanneer het bedrijf die eis is nagekomen, kan de minister definitief beoordelen of aan de Arbo-verplichtingen is voldaan. De maatregelen moeten dan ook nu worden opgevolgd: die gaan over taakroulatie, het beperken van de maximale tilhoogte voor pakketten zwaarder dan 3 kilo en het inzetten van bepaalde hulpmiddelen bij sommige werkzaamheden.

De werkgever kan ook op een andere wijze zorgen voor voldoende veiligheid en gezondheid van de werknemers – dat is juist die beleidsvrijheid.

Eis tot naleving

Dat deze maatregelen worden opgelegd, komt omdat dit bedrijf op grote schaal gebruik maakt van arbeidskrachten die langdurig fysiek zwaar werk doen. Er mogen van pakketdiensten aanzienlijke inspanningen en investeringen worden verwacht om die fysieke belasting op een aanvaardbaar niveau te brengen.

Zolang het bedrijf niet komt met concrete alternatieven, oordeelt de rechtbank dat het belang van het voorkomen van gezondheidsschade voor de werknemers belangrijker is dan het technische, operationele en economische belang van de werkgever. Die stelt wel dat door deze eisen bepaalde duurzaamheidsdoelen van het bedrijf niet worden gehaald – die overigens niet zijn geconcretiseerd – maar dat is geen reden om de verplichtingen uit de Arbowet niet na te komen.

De rechtbank begrijpt ook dat een maximale tilhoogte van 175 cm voor pakketten zwaarder dan 3 kilo lastig kan zijn wanneer er hoger opgestapelde ladingen worden aangeleverd, maar ook dit ontslaat de werkgever niet van de verplichting om de fysieke belasting te beperken.

Kortom, nu deze werkgever de eisen uit het Arbobesluit niet is nagekomen, mag de minister zijn bevoegdheid inzetten om aan dit pakketbedrijf een eis tot naleving op te leggen. De maatregelen die in die eis worden genoemd zijn volgens de rechtbank niet onevenredig.

ECLI:NL:RBOBR:2026:4821

LEES OOK:

 

In-depth update over Nederlandse arbeidswetgeving, relevante jurisprudentie en praktische handvatten om Arbo-verplichtingen zoals RI&E en nalevingsverzoeken te begrijpen en toe te passen.