Nul–urencontracten, min–maxcontracten? Flexibele contracten zoals we die nu kennen, zijn in de toekomst – vanaf 2028 – vaak niet meer mogelijk.
Bestaande oproepcontracten worden in beginsel vervangen door een ‘bandbreedtecontract’, tenzij een wettelijke uitzondering geldt.
Bij een bandbreedtecontract geldt een minimum– en een maximum aantal uren. Het maximum is in beginsel 130% van het minimum.
Bijvoorbeeld: minimaal 10 uur per week, maximaal 13 uur per week.
Maar let op: het minimum wordt bij de overgang niet zomaar gekozen. Die wordt standaard: de gemiddelde arbeidsomvang van de oproepkracht in de twaalf maanden ervóór.
Dus wat je in 2027 inroostert, kan straks rechtstreeks doorwerken in het contract.
Is er veel uren gewerkt? Dan kan dat dus gevolgen hebben voor de minimale aanspraak in 2028. Misschien past dat helemaal niet bij jouw personeelsbehoefte. En mogelijk wil de oproepkracht het zelf ook niet.
Wat kun je doen?
Ga komend jaar op tijd met je oproepkrachten in gesprek en bekijk welke contractvorm bij jullie past.
- Bijvoorbeeld: een regulier contract met een vast aantal uren. Duidelijkheid voor beide partijen, maar minder ruimte om de inzet te laten variëren.
- Of dat nieuwe bandbreedtecontract. Maar dan wel met de door jullie af te spreken minimum– en maximumomvang, binnen de wettelijke grenzen.
- Of bijvoorbeeld een contract met jaarurennorm. Dat is één vast aantal uren per jaar, met een gelijkmatig over het jaar verspreid loon, en minstens per kwartaal duidelijkheid over de inzet.
Neem in ieder geval de regie in eigen hand. Laat je uiteindelijke contracten en het overgangsrecht te zijner tijd toetsen door je juridisch adviseur.
Actuele jurisprudentie zorgt ervoor dat de interpretatie en toepassing van regels rondom ontslag, ontslagvergoedingen, het inhuren van zzp’ers en zieke medewerkers voortdurend veranderen. Deze live online masterclass brengt je in twee ochtenden weer helemaal up-to-date.
LEES OOK:
Live online update over actuele arbeidsrechtelijke veranderingen, met aandacht voor oproepovereenkomsten, jurisprudentie en praktische toepasbaarheid voor HR.

