Een zzp’er moet voortaan minstens drie opdrachtgevers hebben gehad in het voorgaande en lopende kalenderjaar om de zelfstandigentoets te doorstaan. Daarnaast is onder meer een btw-nummer nodig en moet de zelfstandige zich voor een minimumbedrag beschermen tegen risico’s, bijvoorbeeld via een arbeidsongeschiktheidsverzekering.
ministerie SZW

Dat staat in de nieuwe Zelfstandigenwet, de wet die duidelijk moet maken of iemand als zelfstandige kan werken, is concreter ingevuld.

De zzp’er mag de voorzieningen tegen risico’s zelf kiezen. Het minimumbedrag is nog niet vastgesteld: het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) wacht op input van betrokkenen, die in een internetconsultatie tot en met 29 oktober op het wetsvoorstel kunnen reageren.

De bedoeling is dat de wet eind dit jaar of begin 2027 naar de Raad van State gaat. De wet moet ingaan per 2028.

Bepaalde looptijd

SZW bekijkt de mogelijkheid van een modelverklaring voor een zelfstandigentoets met een bepaalde looptijd, bijvoorbeeld van een jaar. Tot die tijd moet de toets steeds opnieuw plaatsvinden.

Naast de zelfstandigentoets komt er een toets die erop toeziet dat de zzp’er voldoende zelfstandig werkt. Een van de criteria is dat de zelfstandige in beginsel zelf over werktijden en -locatie gaat, al bestaan er in de praktijk uitzonderingen.

Een andere voorwaarde is dat de zelfstandige zelf bepaalt hoe een opdracht wordt uitgevoerd, los van protocollen. Dit geldt niet bij algemene regels, zoals de helmplicht voor bouwvakkers.

LEES OOK: ‘Zelfstandige inhuren kan nog, maar let op’ – Acht adviezen om het risico op schijnzelfstandigheid te verkleinen

Update arbeidsrecht met focus op actuele jurisprudentie en nieuwe wetgeving rond zzp’ers, schijnzelfstandigheid en praktische toepasbaarheid voor HR.