Logo
  • Opinie
  • 29 mei 2015

Transitievergoeding: dit verandert er voor u

Overweegt u afscheid te nemen van een medewerker? Houd dan rekening met de wetswijziging omtrent ontslagvergoeding. Door invoering van de Wet Werk & Zekerheid (WWZ) gelden vanaf 1 juli 2015 namelijk andere regels.

Op dit moment is de wijze waarop de werknemer aanspraak maakt op een ontslagvergoeding afhankelijk van de ontslagroute. Na opzegging kan de werknemer een schadevergoeding wegens kennelijk onredelijke ontslag vorderen. Bij ontbinding kan de kantonrechter een ontbindingsvergoeding toekennen op basis van de kantonrechtersformule. Dat verandert op 1 juli 2015 door het inwerking treden van de WWZ. Dan heeft iedere werknemer met een dienstverband van twee jaar of langer recht op een transitievergoeding.

Uitzonderingen

De nieuwe wet kent wel een aantal uitzonderingen. Zo heeft de werknemer in principe geen recht op een transitievergoeding indien hij zelf opzegt, de ontbinding vraagt of geen voortzetting van een tijdelijke arbeidsovereenkomst wenst – tenzij dit het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Hij heeft ook geen recht op de vergoeding wanneer de beëindiging van de arbeidsovereenkomst het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer, wanneer de werknemer nog geen 18 jaar is en maximaal 12 uur per week werkt, of wanneer de werknemer wordt ontslagen wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Maar ook niet wanneer betaling van de volledige transitievergoeding ertoe zal leiden dat de continuïteit van het bedrijf van de werkgever in gevaar komt, wanneer de werkgever in staat van faillissement verkeert of surseance van betaling is verleend, of wanneer de CAO een gelijkwaardige regeling kent.

Berekening

De transitievergoeding is gemaximeerd op €75.000 bruto of een jaarsalaris als dat hoger is.
Afhankelijk van de leeftijd en het aantal dienstjaren wordt de vergoeding als volgt vastgesteld. Bij nul tot en met tien dienstjaren is de vergoeding per iedere zes maanden een zesde van het maandsalaris. Bij meer dan tien dienstjaren is de vergoeding per iedere zes maanden een kwart van het maandsalaris.

Voor werknemers die vijftig jaar of ouder zijn en werkzaam zijn in een bedrijf met 25 of meer werknemers, geldt tot 1 januari 2020 het volgende. Bij nul tot en met tien dienstjaren is de vergoeding per iedere zes maanden een zesde van het maandsalaris. Bij meer dan tien dienstjaren is de vergoeding per iedere zes maanden de helft van het maandsalaris.

Aftrekposten

De werkgever mag de volgende kosten in mindering brengen: de eventuele eerdere transitievergoeding bij beëindiging van de voorafgaande arbeidsovereenkomst, kosten die gericht zijn op het voorkomen of verkorten van werkloosheid, en kosten die zijn gemaakt ter bevordering van de bredere inzetbaarheid van de werknemer (zoals outplacement en scholing).

Aanvullende vergoeding

De werknemer heeft naast een transitievergoeding recht op een aanvullende billijke vergoeding indien de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld.

Samengevat kunnen we stellen dat werkgevers na 1 juli 2015 vaker moeten betalen dan nu het geval is, maar de hoogte van de vergoedingen lager zullen zijn.

Co-auteur Eline Bouma adviseert en procedeert over de belangrijkste onderwerpen van het algemene arbeidsrecht, in het bijzonder over individueel en collectief ontslagrecht.

 

Producttips

Volg HR Praktijk

Word gratis lid en ontvang op dinsdag en donderdag het laatste HR-nieuws in uw mailbox! Én als lid krijgt u ook toegang tot exclusieve online artikelen.