In het re-integratiedossier moet de werkgever alle gegevens, documenten en correspondentie opnemen die betrekking hebben op het verloop van het ziekteverzuim, het aantal feitelijk gewerkte uren en de ondernomen re-integratieactiviteiten. In feite wordt in dit dossier elke stap in het re-integratieproces vastgelegd. Op basis van de gegevens die in het dossier zijn opgenomen, kan na 93 weken het re-integratieverslag worden samengesteld. Een goed re-integratiedossier kan dus werk besparen als de werknemer na twintig maanden de WIA-uitkering wil gaan aanvragen en het re-integratieverslag nodig heeft.
Werkgevers die eigenrisicodrager voor de ZW en/of de WAO/WGA zijn, moeten ook een re-integratiedossier bijhouden.
Re-integratiedossier: checklist
De volgende gegevens moeten in het dossier worden opgenomen:
- de ziekmelding van de werknemer (datum, opgegeven reden);
- de probleemanalyse en het re-integratieadvies van de arbodienst/bedrijfsarts;
- de bijstellingen van de probleemanalyse;
- alle versies van het plan van aanpak;
- de eerstejaarsevaluatie van het plan van aanpak (opschudmoment);
- gegevens die betrekking hebben op het ziekteverzuim van de werknemer (van wanneer tot wanneer niet gewerkt, wanneer was de gedeeltelijke werkhervatting en voor hoeveel uur);
- de re-integratieactiviteiten die de werkgever heeft ondernomen (bijvoorbeeld aanpassing van de werkplek, een andere organisatie van het werk, inschakeling van een jobcoach);
- de re-integratieactiviteiten die de werknemer heeft ondernomen (bijvoorbeeld rugtraining, fysiotherapie, omscholing, assertiviteitstraining);
- alle correspondentie en documenten die op deze activiteiten betrekking hebben;
- verslagen van de contacten die de werknemer heeft gehad met de arbodienst/bedrijfsarts;
- verslagen van de contacten die de werknemer heeft gehad met de casemanager;
- verslagen van de evaluatiegesprekken die de werknemer en werkgever hebben gehad over het plan van aanpak;
- eventueel: deskundigenoordeel van UWV ten aanzien van:
- de vraag of de werknemer echt ziek is;
- de vraag of er in het bedrijf van de werkgever passende arbeid aanwezig is;
- de vraag of de werkgever voldoende re-integratie-inspanningen verricht;
- de vraag of de werknemer voldoende re-integratie-inspanningen verricht.
- machtiging van de werknemer om medische gegevens op te vragen bij de huisarts en de behandelend specialist ten behoeve van de arbodienst/bedrijfsarts en/of een re-integratiebedrijf en/of de verzekeraar.
De werkgever kan het bijhouden van het re-integratiedossier ook overlaten aan de arbodienst of bedrijfsarts.
Advies bedrijfsarts leidend per 2028
Per 2028 wordt het advies van de bedrijfsarts leidend bij de toets van de re-integratie-inspanningen door UWV. Dit betekent dat de verzekeringsarts geen inhoudelijke toetsing meer zal doen van het medisch advies van de bedrijfsarts. Het bedrijfsartsadvies wordt het primaire uitgangspunt voor de beoordeling van de re-integratie-inspanningen. Afwijkingen van dit advies moeten goed worden gemotiveerd en gedocumenteerd.
Hoewel het wetsvoorstel de verwachting heeft om per 2028 in werking te treden, is het belangrijk dat werkgevers en werknemers zich nu al voorbereiden door te zorgen voor volledige en nauwkeurige vastlegging van de adviezen van de bedrijfsarts en de daaropvolgende acties.
LEES OOK: Advies bedrijfsarts wordt leidend bij re-integratietoets zieke werknemer
