Logo
  • Opinie
  • 30 juli 2021

Ontbindingsverzoek na samenwerkingsproblemen: niet voldragen d- of g-grond

Werknemer treedt op 15 december 2020 in dienst bij een zorgorganisatie. 15 januari 2021 wordt werknemer door werkgever aangesproken op een stroeve samenwerking met collega's. 5 februari vindt een tweede evaluatiegesprek plaats. Werknemer wordt dan overgeplaatst naar een ander organisatieonderdeel. 2 maart wordt werknemer mede gedeeld dat de samenwerking ook daar niet goed gaat. Vanaf 8 maart hoeft werknemer niet meer te komen en dient werkgever een ontbindingsverzoek in.

De rechter oordeelt dat de enkele omstandigheid dat meerdere collega’s van 3 verschillende locaties hebben geklaagd over de samenwerking met werknemer geen redelijke grond voor opzegging van de arbeidsovereenkomst wegens een verstoorde arbeidsverhouding of disfunctioneren oplevert.

Gesteld noch gebleken is dat werkgever inspanningen heeft verricht om de door haar gestelde verstoorde arbeidsverhouding op te lossen. Werkgever heeft ook niet aannemelijk gemaakt waaruit werknemer had moeten begrijpen dat, als geen verbetering zou komen, de arbeidsovereenkomst zou eindigen.

Niet voldragen g- of d-grond

De conclusie is dat niet wordt voldaan aan een voldragen g-grond (verstoorde arbeidsverhouding) of d-grond (disfunctioneren). Werkgever heeft niet aannemelijk gemaakt dat zij voldoende inspanningen heeft verricht om de samenwerkingsproblemen met werknemer op te lossen. Werkgever heeft ook niet aannemelijk gemaakt dat werknemer voldoende de kans heeft gekregen om naar aanleiding van de gegeven kritiek haar functioneren te verbeteren.

Ook geen cumulatiegrond

De 'escape' van de cumulatiegrond biedt werkgever ook geen soelaas. De combinatie van de door werkgever gestelde verstoorde arbeidsrelatie en het door haar gestelde disfunctioneren zijn niet zodanig dat voortzetting van de arbeidsovereenkomst in redelijkheid niet van werkgever kan worden gevergd. De kantonrechter neemt hierbij in aanmerking dat van werkgever verwacht had mogen worden dat zij, voor zover de arbeidsverhouding naar haar mening ernstig verstoord is, moeite had behoren te doen dit te herstellen. Daarvan is echter niet gebleken.

Verbetertraject

Dus....het stellen dat collega's niet meer met een werknemer willen samenwerken, zonder serieuze inspanningen te verrichten de (gestelde) samenwerkingsproblemen op te lossen en zonder werknemer voldoende kans te geven gesteld disfunctioneren te verbeteren is onvoldoende om tot tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst te kunnen komen.

De werknemer zal dus niet alleen 'SMART' op gesteld disfunctioneren of samenwerkingsproblematiek aangesproken moeten worden, maar zal ook de kans moeten krijgen het functioneren en/of de samenwerking te verbeteren.

Een verbetertraject dus.

En dit alles schriftelijk vastleggen, want de rechter zal een arbeidsovereenkomst nooit ontbinden op de blauwe ogen van de werkgever.

ECLI:NL:RBMNE:2021:2876

Producttips

Volg HR Praktijk

Word gratis lid en ontvang op dinsdag en donderdag het laatste HR-nieuws in uw mailbox! Én als lid krijgt u ook toegang tot exclusieve online artikelen.