Logo
  • Achtergrond
  • 18 november 2020
  • Bron AWVN

Jaarurennorm of oproepovereenkomst?

Bent u bekend met de mogelijkheden van de jaarurennorm als alternatief voor de oproepovereenkomst? Sinds de invoering van de Wet arbeidsmarkt in balans (Wab) is de jaarurennorm (of: jaarurensystematiek / jaarurenovereenkomst) het overwegen waard als vorm van een flexibel contract. Wat zijn de voordelen?
Beeld Jaarurennorm of oproepovereenkomst?

Bij een jaarurennorm wordt een vast aantal uren per refertejaar (maximaal één) afgesproken. De uren waarop gewerkt wordt, zijn flexibel inzetbaar over het refertejaar, maar het loon van de werknemer is gelijkmatig gespreid over het refertejaar. De werknemer ontvangt dus een vast salaris per betalingsperiode, op basis van het gemiddelde aantal te werken uren. De werknemer heeft dus een vast inkomen én de werkgever heeft de mogelijkheid om de werknemer flexibel in te zetten. Maar let op: dat werkt bijvoorbeeld niet als er te grote periodes zijn waarin er geen of weinig behoefte is aan de inzet van de werknemer.

Per betalingsperiode moet de werknemer ten minste het wettelijk minimumloon ontvangen voor alle gewerkte uren. Bij meer werken in een loonbetalingsperiode dan het gemiddelde (waarvoor betaald wordt), kan dat ertoe leiden dat er voor de gewerkte uren minder dan het minimumloon betaald wordt. Als dat zo is, dan is een jaarurennorm alleen mogelijk als dat bij cao is overeengekomen!

Meer en min-uren

Meeruren kunnen aan het eind van het refertejaar worden uitbetaald. Maar let op: als meeruren gedurende het refertejaar tussentijds worden uitbetaald, dan is het standpunt van de Belastingdienst dat er sprake is van een oproepovereenkomst! Het loon is dan immers niet meer gelijkmatig gespreid over het refertejaar.

Min-uren kunnen niet worden ingehaald in het volgende refertejaar. Doorschuiven van de min-uren naar het volgende refertejaar maakt dat de overeengekomen arbeidsomvang gespreid wordt over een periode van meer dan een jaar, en dan is er sprake van een oproepovereenkomst. Min-uren zullen dus moeten worden kwijtgescholden of moeten worden verrekend. Dat laatste kan alleen als duidelijk is dat de min-uren zijn ontstaan door een oorzaak die in redelijkheid voor rekening van de werknemer behoort te komen.

Referteperiode van half jaar

De referteperiode kan ook korter zijn dan een jaar, bijvoorbeeld een half jaar. Bij een referteperiode van een half jaar kunnen de min-uren van die periode worden doorgeschoven naar de volgende referteperiode. De overeengekomen arbeidsomvang wordt dan niet gespreid over een periode van meer dan een jaar, waardoor er geen sprake is van een oproepovereenkomst. Ook kunnen dan meeruren al na een half jaar worden uitbetaald, in plaats van pas na een jaar.

Producttips

Volg HR Praktijk

Word gratis lid en ontvang op dinsdag en donderdag het laatste HR-nieuws in uw mailbox! Én als lid krijgt u ook toegang tot exclusieve online artikelen.