Logo
  • Opinie
  • 5 november 2015

Gooien stanleymes geen reden voor ontslag

Dat een ontslag op staande voet slechts onder zeer bijzondere omstandigheden op zijn plaats is, wordt door de volgende zaak bevestigd. De uitspraak van de kantonrechter bevat een aantal interessante vingerwijzingen.

Casus

Werknemer is in juli 2004 als magazijnmedewerker bij werkgever in dienst getreden. Op 28 juli 2015 heeft werknemer een stanleymes naar collega Y gegooid. Naar aanleiding van dit incident is werknemer op staande voet ontslagen.

Verzoek werknemer
Werknemer heeft de kantonrechter verzocht het ontslag te vernietigen, omdat:

  •  hij het stanleymes niet richting collega Y heeft gegooid;
  •  het stanleymes niet geopend was; en
  •  na het incident nog normaal contact heeft plaatsgevonden tussen hem en collega Y.

Verweer werkgever

Werkgever heeft zich verweerd tegen het verzoek van werknemer. In dat kader heeft werkgever onder andere aangegeven dat zij eerst advies heeft ingewonnen bij haar jurist voordat zij is overgaan tot het ontslag op staande voet.

Oordeel kantonrechter

Tijdens de zitting hebben partijen hun standpunten toegelicht en is bij de kantonrechter het volgende beeld ontstaan. Collega Y heeft werknemer verzocht een product uit de verpakking te halen. Werknemer heeft geantwoord dat niet (meteen) te willen doen. Vervolgens is collega Y zelf de verpakking gaan verwijderen, terwijl werknemer herhaaldelijk heeft gevraagd dat niet te doen. Collega Y is doorgegaan met het verwijderen van de verpakking. Werknemer is naar hem toegelopen. Collega Y bleef steeds aan de andere kant van het product en ging door met het verwijderen van de verpakking. Werknemer is geïrriteerd geraakt en heeft met een stanleymes gegooid. Collega Y is teruggegaan naar zijn werkplek. Gedurende de dag hebben werknemer en collega Y nog enkele keren contact gehad in de uitoefening van hun werkzaamheden. Aan het eind van de middag is werknemer het ontslag op staande voet gegeven.

Op basis van dit beeld richt de kantonrechter eerst zijn pijlen op collega Y. De kantonrechter is van oordeel dat collega Y onnodig voor een vervelende situatie heeft gezorgd. Niet is duidelijk geworden waarom de verpakking er meteen af moest, waarom het nodig was dat collega Y – een administratieve kracht – zelf de verpakking ging verwijderen, en daarmee door moest gaan. Dat collega Y de oorzaak is van de irritatie neemt de kantonrechter mee in het voordeel van werknemer.

Vervolgens richt de kantonrechter zich tot werknemer. In dat kader overweegt de kantonrechter dat in het algemeen door magazijnmedewerkers op een andere wijze met irritaties wordt omgegaan dan door werknemers in de hogere rangen, is iets wat een werkgever voor lief moet nemen.

De kantonrechter is van oordeel dat met het gooien van een voorwerp naar een collega, werknemer een grens heeft overschreden. Hij is daarmee echter niet zo ver over de schreef gegaan dat het ontslag terecht is. Andere minder ingrijpende maatregelen hadden werknemer voldoende duidelijk kunnen maken dat hij te ver was gegaan. Dat in deze zaak met een minder ingrijpende maatregel kon worden volstaan, leidt de kantonrechter ook af uit het feit dat pas aan het eind van de dag het ontslag is gegeven, er min of meer normaal is doorgewerkt door zowel werknemer als collega Y, ook gezamenlijk, en er in afwachting van het advies van de jurist, geen schorsing heeft plaatsgevonden.

Tot slot laat de kantonrechter weten dat het incident niet zo gevaarlijk is geweest als werkgever stelt. Het is de kantonrechter namelijk niet gebleken welk gevaar (op letsel? hoe?) het gooien van een stanleymes met zich mee heeft gebracht. Het klinkt, aldus de kantonrechter, ernstig wanneer wordt gezegd: er is gegooid met een stanleymes. Dat komt door het woorddeel "mes". Dat is gegooid met een uitgeschoven stanleymes is niet als de dringende reden voor het ontslag aangegeven. Ook niet is gesteld of gebleken op welke wijze, bijvoorbeeld door gewicht of vorm, het voorwerp letsel zou kunnen veroorzaken. 

De kantonrechter laat verder in het midden of werknemer al dan niet gericht heeft gegooid. Gelet op de omvang van het product en de omschrijving van het gebeuren, heeft werknemer op hooguit enkele meters van collega Y gestaan. De door collega Y ter zitting genoemde afstand van 30 centimeter is dan niet zo rakelings (Van Dale: op zeer geringe afstand) als werkgever wil doen geloven.

Kortom, het verzoek van werknemer wordt toegewezen en het ontslag wordt vernietigd.

Gegevens uitspraak: rechtbank Noord-Nederland 15 september 2015, ECLI 2015:4807.

Producttips

Volg HR Praktijk

Word gratis lid en ontvang op dinsdag en donderdag het laatste HR-nieuws in uw mailbox! Én als lid krijgt u ook toegang tot exclusieve online artikelen.