Logo
  • Nieuws
  • 10 juli 2018
  • Bron: Klimaatakkoord.nl

Klimaatakkoord: advies taakgroep Arbeidsmarkt en Scholing

Het Klimaatakkoord is een belangrijke stap dichterbij gekomen aldus het Klimaatberaad. Alle partijen die afgelopen maanden hebben meegewerkt, onderschrijven het Voorstel voor hoofdlijnen van het Klimaatakkoord. Een van de partijen is de taakgroep Arbeidsmarkt en Scholing. Deze taakgroep heeft in haar advies onder meer zeven handvatten voor integraal arbeidsmarktbeleid opgesteld.

Beeld Klimaatakkoord: advies taakgroep Arbeidsmarkt en Scholing

De taakgroep Arbeidsmarkt en Scholing adviseert de sectortafels en het klimaatberaad over gerichte afspraken en uitvoeringprogramma’s.

De uitgangspunten in dat advies:

  • Werkgevers hebben de verantwoordelijkheid om werkenden in staat te stellen zich voor te bereiden op veranderende beroepseisen. Werkenden moeten zich naar vermogen inspannen om aan die veranderingen te voldoen. Onderwijsinstellingen moeten inspelen op veranderende arbeidsmarkteisen bij het opleiden van nieuw talent, het scholen van werkenden en ondernemers en het initiëren van innovatie. Vroegtijdige en directe betrokkenheid van sociale partners in sectoren en regio’s is essentieel om tijdig te kunnen anticiperen.
  • Vanuit het publieke belang en als aanjager heeft het Rijk een bijzondere verantwoordelijkheid en rol, die tot uitdrukking kan komen via arbeidsbemiddeling, investeringen in een leven lang ontwikkelen en aanvullingen op bestaande (sector)plannen.
  • Additionele middelen, waaronder financiële, zijn nodig om aanpassingsprocessen op het terrein van arbeidsmarkt, onderwijs en scholing te faciliteren en maatwerk mogelijk te maken. Dat biedt ook mogelijkheden waar een sluitende aanpak nodig is en/of een passende sociale infrastructuur ontbreekt. Daarmee kan het Rijk bijdragen aan een ‘eerlijke transitie’.
  • Bij de keuze en timing van maatregelen is het verstandig om het aanpassingsvermogen van arbeidsmarkten én de toekomstige aanbod- en vraagontwikkelingen van onderwijs en scholingsprogramma’s te laten meewegen.
  • De kwaliteit (arbeidsvoorwaarden, -verhoudingen, -omstandigheden) van (nieuwe) banen moet op orde zijn.

Zeven handvatten voor integraal arbeidsmarktbeleid:

  1. Integrale human capital agenda’s met samenhangende, breed gedragen arbeidsmarktagenda’s voor de middellange en lange termijn, waarin ook sociale gevolgen aan bod komen. Net als in de zorg kan een plan bestaan uit landelijke afspraken en regionale actieplannen.
  2. Vertaling van nationale en sectorale afspraken naar regionaal-economische agenda’s, waarbij opgetelde regionale initiatieven leiden tot nationale doelen. Ook verknoping van regionaal beleid met sectorale activiteiten (onder andere cao, opleiding & ontwikkeling, sociale plannen) is noodzakelijk.
  3. Flexibel, modulair en responsief onderwijs, dat is ingebed in een sterke, positieve leercultuur en voortbouwt op bestaande goede initiatieven en structuren.
  4. Een inclusieve aanpak, die afspraken bevat om het beschikbare arbeidspotentieel beter te benutten. Het gaat bijvoorbeeld om meer gewerkte uren en een grotere arbeidsdeelname van vrouwen, maar ook om mensen met een arbeidsbeperking, die door nieuwe technologie complexer werk kunnen doen.
  5. Creëren van (de sociale infrastructuur voor) goede arbeidsvoorwaarden, -omstandigheden en -verhoudingen en medezeggenschap in (nieuwe) deelsectoren, die relevant zijn voor de energietransitie.
  6. Verbetering van regionale en sectorale arbeidsmarktinformatie en inzicht in toekomstige arbeidsmarktbehoeften. Die informatie is onder andere nodig om per klimaattafel systematisch de effecten van maatregelen te monitoren en een praktische impactanalyse uit te voeren. De taakgroep zal daarnaast nader onderzoek moeten (laten) uitvoeren naar de effecten van de energietransitie op de arbeidsproductiviteit in de sector.20
  7. Werkgelegenheidsverlies eerlijk en inclusief opvangen door werkenden daarop tijdig voor te bereiden, hun ontwikkeling en mobiliteit te faciliteren en door arbeidsmarkt- en sociale gevolgen passend op te vangen waar dat niet mogelijk blijkt met bestaande middelen. In zijn advies stelt de SER voor, dat het kabinet met sociale partners overlegt over de wijze waarop het Rijk invulling geeft aan zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid om te borgen dat er voldoende middelen in de vorm van een kolenfonds beschikbaar zijn om de arbeidsmarkt- en sociale gevolgen voor werknemers in de brede kolenketen op een sociaal verantwoorde manier op te vangen, die werkloos (dreigen te) raken bij sluiting van kolencentrales. Deze toegespitste benadering voor een bepaalde categorie werknemers verzekert een sluitende aanpak.

Lees hier het volledige Voorstel voor hoofdlijnen voor het Klimaatakkoord taakgroepen ‘Arbeidsmarkt en scholing’ en ‘Financiering’

Wat het Klimaatakkoord betreft is het is nu aan het kabinet en de Tweede Kamer om met richtinggevende keuzes te komen. Daarna kunnen de partijen de hoofdlijnen uitwerken in concrete en bindende afspraken. Als het tempo erin blijft, ligt er eind dit jaar een akkoord met handtekeningen aldus het Klimaatberaad. 

Het Klimaatberaad is het coördinerend overlegorgaan om tot een nationaal Klimaatakkoord te komen. Het Klimaatberaad bestaat uit de voorzitters van de sectortafels en maatschappelijke organisaties, medeoverheden en niet-gouvernementele organisaties (ngo's). De voorzitter van het Klimaatberaad is Ed Nijpels.

 

Producttips