Schaufeli verwijst naar onderzoek naar de effectiviteit van organisatie-interventies. Daaruit blijkt dat maatregelen die direct ingrijpen op het dagelijks werk de meeste impact hebben.
Voorbeelden zijn meer autonomie voor medewerkers, het verminderen van bureaucratie, het verbeteren van samenwerking en het vergroten van invloed op roosters en werkprocessen.
Opvallend is dat leiderschapsinterventies minder effectief blijken dan vaak wordt gedacht. Volgens Schaufeli ligt dat niet aan het belang van leiderschap zelf, maar aan het feit dat trainingen vaak onvoldoende worden vertaald naar concrete veranderingen op de werkvloer.
Medewerkersonderzoek
In het gesprek benadrukt Schaufeli daarnaast het belang van goed medewerkersonderzoek. Onderzoek moet volgens hem niet eindigen in een rapport of benchmarkvergelijking, maar het startpunt vormen van een verbeterproces waarbij medewerkers, leidinggevenden, HR en ondernemingsraad gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor de opvolging.
Energiebronnen en stressfactoren
De inzichten zijn gebaseerd op het Job Demands-Resources (JD-R)-model, dat kijkt naar de balans tussen energiebronnen en stressfactoren in het werk. Uit jarenlang onderzoek blijkt onder meer dat conflicten, rolonduidelijkheid en problemen in de werk-privébalans belangrijke voorspellers zijn van stress en burn-out, terwijl waardering, autonomie en afwisselend werk bijdragen aan bevlogenheid.
Meer podcasts over uiteenlopende HR-onderwerpen luister je hier
LEES OOK:
