HRpraktijk

Home

BELONEN EN ARBEIDSVOORWAARDEN
 
Home  >  Kennisbank Belonen en Arbeidsvoorwaarden  >  Artikelen  >  Loonheffingen

LOGIN OF WORD LID

U hebt nog geen toegang tot exclusieve vakkennis

Inloggen Lid worden

 


Kennisbank Belonen en Arbeidsvoorwaarden

kennisbank belonen en arbeidsvoorwaarden

 

Alles over werkkostenregeling

ALLES OVER WERKKOSTENREGELING

Gratis rapporten

In dit rapport alle in's en out's over de werkkostenregeling en wat dit voor u betekent.

Download nu gratis  

 

Inhoudsopgave


Loonheffingen

Geschreven door: Peter Schroeten* X Peter Schroeten
1

Er bestaat veel verwarring over enkele belangrijke termen, met het risico van miscommunicatie, daarom volgen eerst enkele definities.

Onder loonheffing (enkelvoud!) wordt vanouds verstaan:

  • de loonbelasting; en
  • de premie volksverzekeringen.

Het bedrag aan loonheffing dat van een werknemer wordt ingehouden, kan de werknemer verrekenen in de aangifte inkomstenbelasting.

Onder loonheffingen (meervoud!) wordt vanaf 2006 verstaan:

  • de loonbelasting;
  • de premies volksverzekeringen;
  • de premies werknemersverzekeringen;
  • de inkomensafhankelijke bijdrage zorgverzekeringswet.

Vanaf 2006 moet de werkgever (eigenlijk de inhoudingsplichtige) de loonheffingen digitaal en gespecificeerd per werknemer aangeven (via de loonaangifte). Slechts in zeer uitzonderlijke situaties bestaat vrijstelling van de digitale aangifteplicht. In dit artikel vindt u meer informatie over deze zeer belangrijke heffing en treft u een rekenvoorbeeld bruto-/nettoloon aan. Tevens vindt u in dit rekenvoorbeeld een overzicht van de werkgeverslasten.

In dit artikel:

Loonheffingen

Heffing loonbelasting en premie volksverzekeringen voor inhoudingsplichtige

De heffing van loonbelasting en premie volksverzekeringen vindt in één bedrag plaats. Als deze gecombineerde heffing niet beperkt blijft tot voorheffing, volgt na afloop van het jaar een aanslag inkomstenbelasting. De ingehouden heffing van loonbelasting en premies volksverzekeringen wordt dan als voorheffing verrekend met de te betalen inkomstenbelasting (dit is overigens ook een combinatie van belasting en premies volksverzekeringen). De werkgever houdt deze heffing in op het belastbare loon uit dienstbetrekking. Soms is er geen werkgever. Er is dan toch een inhoudingsplichtige, zoals het pensioenfonds dat pensioenuitkeringen doet.

De volksverzekeringen bestaan uit de volgende heffingen:

  • de Algemene ouderdomswet (AOW);
  • de Algemene nabestaandenwet (ANW);
  • de Algemene wet bijzondere ziektekosten (AWBZ).

De werknemer is deze premies verschuldigd. Voor de AOW en ANW is men echter niet meer premieplichtig met ingang van de eerste dag van de maand waarin men 65 jaar wordt.

Op een aantal aspecten van werknemer/werkgever, loon en dergelijke, gaat dit artikel nader in.

Werknemersverzekeringen gelden uitsluitend voor werknemers

De meeste werkgevers hebben niet alleen te maken met de heffing van loonbelasting en premies volksverzekeringen, maar ook met die van de premies voor de werknemersverzekeringen. Deze premies hebben hun grondslag in de volgende wetten:

  • de Werkloosheidswet (WW);
  • de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)/de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA).

De werknemersverzekeringen gelden uitsluitend voor werknemers. Dit in tegenstelling tot de volksverzekeringen. De werkgever moet de premies werknemersverzekeringen vanaf 2006 betalen aan de belastingdienst (voorheen aan UWV). De werkgever betaalt de gehele premie WAO/WIA. De werkgever kan ervoor kiezen om een deel van de WIA-premie te verhalen op het nettoloon van de werknemer. Van de WW hoeft hij per 1 januari 2009 niet langer een gedeelte van de premie op het loon van de werknemer in te houden, omdat het werknemersdeel op nihil is gesteld. Hierdoor is de gehele WW-premie effectief een werkgeverslast.

Om de taak van de werkgever niet onnodig zwaar te maken probeerden belastingdienst en UWV (tot en met 2005) zo veel mogelijk met elkaar samen te werken. Niet alleen op het gebied van de techniek van de heffing waarin bijvoorbeeld stroomlijning van de begrippen loon en dienstbetrekking zo veel mogelijk plaatsvindt, maar ook op het administratieve vlak werkten de belastingdienst en UWV (tot en met 2005) samen. Uitwisseling van controlerapporten en het gezamenlijk plannen van boekenonderzoeken zijn vormen van samenwerking waarmee deze instanties zo veel mogelijk de tijd van de werkgever probeerden te sparen. Uiteraard leverde dit ook besparing op menskracht voor deze instanties op. Met ingang van 2006 heft de belastingdienst de premies werknemersverzekeringen met toepassing van de heffingsregels van de loonheffing. De belastingdienst is nu het werkgeversloket voor de werknemersverzekeringen. UVW blijft het loket waar de werknemer voor zijn uitkering terecht kan.

Zorgverzekeringswet: werknemer is inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd

Met ingang van 2006 is elke werknemer verzekerd ingevolge de Zorgverzekeringswet (ZVW). De werknemer is hiervoor een inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd die de werkgever verplicht is op zijn beurt weer aan de werknemer te vergoeden. Deze vergoeding is geen loon voor de werknemersverzekeringen, maar wel loon voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen. Naast deze inkomensafhankelijke bijdrage zorgverzekeringswet is de werknemer buiten de werkgever om aan de zorgverzekeraar rechtstreeks een premie verschuldigd voor de basispolis en een eventuele aanvullende verzekering.

  Tip

Informatie aangifte loonheffingen

Hier vindt u informatie over de aangifte loonheffingen.

  Rekenvoorbeeld bruto-/nettoloon   

Werknemer B geniet een salaris van € 3.000,– per maand. Hij krijgt een vrije kostenvergoeding van € 75,– per maand en de beschikking over een personenauto van € 25.000,–. Bijtelling hierover 25%.

De pensioenpremie bedraagt maandelijks voor de werkgever € 300,– en voor de werknemer € 200,–. De werknemer neemt deel aan de spaarloonregeling voor het maximale bedrag.

Overige gegevens:

WW (Algemene Werkloosheidsfonds (AWF)):

  • franchise: € 1.392,– per maand
    • werknemersdeel: 0%
    • werkgeversdeel: 4,20%
  • maximale grondslag berekening premie per maand € 4.059,63
  • premie Sectorfonds (WW/WGF) stel 1%

WAO/WIA:

  • werknemersdeel: 0%
  • werkgeversdeel basispremie: 5,7%
  • uniforme premie WAO: 0,07%
  • gedifferentieerde premie WGA stel: 1% (individuele beschikking)

ZVW:

  • werknemersdeel: 7,05%
  • werkgeversdeel: 7,05%

Maximale grondslag berekening premie en werkgeversvergoeding per maand € 2.765,75.

  • loonheffing, witte maandtabel met heffingskorting, geboren in 1948

Uitwerking:

 Loon SV/ZVW/LB Bruto-netto Werkgeverslast
Overeengekomen loon in geld€ 3.000,00€ 3.000,00€ 3.000,00
Af: spaarloon€ 51,09  
Af: werknemersdeel pensioenpremie € 200,00€ 200,00€ 300,00
Loon sociale verzekeringen€ 2.748,91  
Af: WW-premie€ 0€ 0€ 56,99
WAO/WIA-premie  € 186,10
Sectorpremie  € 27,49
Bij: privégebruik auto€ 520,83 p.m.
Loon voor de ZVW€ 3.269,74  
Bij: werkgeversbijdrage ZVW€ 194,98€ 194,98€ 194,98
Af: werknemersbijdrage ZVW € 194,98 
Loon voor de loonbelasting 2010€ 3.464,72  
Af: ingehouden loonbelasting € 991,16 
Kostenvergoeding  € 75,00€ 75,00
Uit te betalen   
Af: spaarloon  € 51,09 
Nettoloon / werkgeverslasten € 1.832,75 € 3.840,56

De werkgever is daarnaast door deelname van de werknemer aan de spaarloonregeling zelf nog een eindheffing verschuldigd is van 25% over € 51,09 = € 12,77 per maand. Feitelijk bedragen de werkgeverslasten dus € 3.840,56 + € 12,77 = € 3.853,33 per maand. Hier komen de kosten van de ter beschikking gestelde auto (bijvoorbeeld de leasetermijnen) nog bij.

Toelichtingen op voorgaande berekeningen

1. Berekening WW-premie

Grondslag loon SV bedraagt:€ 2.748,91
Af: maandfranchise-/- € 1.392,00
 –––––
Grondslag€ 1.356,91
Percentage = 4,2%€ 56,99

2. Berekening WAO/WIA-premie

Heffingspercentage bedraagt in dit voorbeeld:

Basispremie WAO/WIA5,70%
Uniforme premie WAO0,07%
Gedifferentieerde premie (stel)1,00%
 –––––
Samen6,77%

6,77% over grondslag SV-loon = 6,77% over € 2.748,91 = € 186,10.

3. Berekening sectorpremie WW

1% over de grondslag SV-loon = 1% over € 2.748,91 = € 27,49.

4. Berekening privégebruik auto

25% over € 25.000 * 1/12 = € 520,83.

5. Bijdrage ZVW

7,05% over grondslag voor de ZVW = 7,05% over € 3.269,74 = € 230,51.
Echter: de maximumgrondslag ZVW bedraagt € 2.765,75 per maand.
De berekening luidt dan als volgt:
7,05% over € 2.765,75 = € 194,98.

 

02BA=0016