Door: Gerdien van der Voet, AKD Prinsen Van Wijmen | redactie HRpraktijk | 21 september 2009
Het feit dat werknemer zich niet heeft kunnen bewijzen tijdens de proeftijd is onvoldoende om te concluderen dat proeftijdontslag in strijd is met het goed werkgeverschap, zo blijkt uit deze zaak.
Een werknemer treedt op 29 september 2008 bij een werkgever in dienst als vrachtwagenchauffeur. Wegens ziekte heeft hij echter slechts beperkt kunnen werken. Per brief, op 22 oktober 2008, wordt zijn arbeidsovereenkomst met ingang van 29 oktober 2009 opgezegd. De werknemer meent dat hij ten onrechte tijdens zijn proeftijd is ontslagen. Hij vindt dat hij door zijn ziekte geen eerlijke kans heeft gekregen om zich te bewijzen. Zijn proeftijdontslag zou in strijd zijn met het goed werkgeverschap en naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zijn.
Regels proeftijd
De kantonrechter overweegt dat op grond van artikel 7:676 BW iedere partij bevoegd is de arbeidsovereenkomst tijdens de proeftijd zonder inachtneming van een opzegtermijn op te zeggen. De opzegverboden, genoemd in de artikelen 7:670 en 7:670a BW, zijn gedurende de proeftijd niet van toepassing. In beginsel mag de rechter niet ingaan op de vraag of de opzegging tijdens de proeftijd is gebruikt met een ander doel dan waarvoor die is gegeven, te weten het kennisnemen van elkaars hoedanigheden en van de geschiktheid van de werknemer voor de bedongen arbeid. Wel kan een discriminatoir ontslag tot schadeplichtigheid leiden (HR 13 januari 1995, NJ 1995, 430, Codfried). Onder omstandigheden kan bovendien sprake zijn van handelen in strijd met de beginselen van goed werkgeverschap (HR 10 december 2000, JAR 2000, 249, Triple P/Tap).
>> Meer informatie over dit onderwerp vindt u in de Kennisbank Arbeidsrecht.
Probeer de Kennisbank Arbeidsrecht nu 2 weken gratis uit!
Oordeel
Tegen de achtergrond van deze regels komt de kantonrechter tot het oordeel dat de werkgever geen concreet verwijt kan worden gemaakt. Hoewel een ontslag tijdens de proeftijd voor een werknemer een hard gelag is, heeft de wetgever juist in die periode van de arbeidsovereenkomst partijen de ruimte willen geven om op een relatief eenvoudige wijze van elkaar af te komen. Tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden, zoals discriminatie of onzorgvuldig handelen van de werkgever, dient een proeftijdontslag te worden gerespecteerd. Van dergelijke omstandigheden is in de onderhavige zaak niet gebleken. De vordering van de werknemer wordt om die reden afgewezen.
Als een nieuwe werknemer door ziekte (met uitzondering van een chronische ziekte) niet in staat is om tijdens de proeftijd te werken en de werkgever wil toch graag kennisnemen van zijn geschiktheid, is het verstandig het arbeidscontract nog tijdens de proeftijd op te zeggen en vervolgens een nieuwe, tijdelijke arbeidsovereenkomst voor een zeer beperkte duur aan te gaan. Zo kan de werkgever alsnog kennisnemen van de kwaliteiten van de werknemer.
Kantonrechter Utrecht 15 juli 2009, LJN: BJ 7412.
Gerelateerde artikelen
31/08/2010 Onrechtmatige concurrentie ondanks...
12/08/2010 Aan de haal met computergegevens....
03/08/2010 Voorkom dat ontslagen werknemers er...
23/07/2010 U mag jongeren nu vier keer een...
14/07/2010 Ouder vindt zwartwerken kind geen...
07/07/2010 Drukt concurrentiebeding zwaarder bij...
21/06/2010 Payroll-werknemer heeft geen...
15/06/2010 Stagevergoeding bij ziekte naar rato?
07/06/2010 Thuiswerkers draaien meer uren
26/05/2010 Oproepovereenkomst of...
Download gratis rapporten met waardevolle HR-vakinformatie.
Stelt u specifieke HR-vragen het liefst direct aan vakkundige specialisten?
De wet is voor elk advocatenkantoor gelijk. Het zijn de mensen die het verschil maken. Bij Van Diepen Van der Kroef zijn dat advocaten die het beste willen zijn in wat ze doen. Die er met u alles aan doen om uw zaak tot een goed einde te brengen. www.vandiepen.com
Download gratis de whitepaper 'Zieke werknemer; ziek of niet?'