Verlof regeling een belangrijke arbeidsvoorwaarde
Werknemers vinden een goede verlof regeling vaak belangrijker dan een hoog salaris. De verlof regeling van uw bedrijf is dus een belangrijke secundaire arbeidsvoorwaarde. Een verlof regeling bestaat niet alleen uit vakantiedagen: ook calamiteitenverlof, zorgverlof, zwangerschapsverlof, ouderschapsverlof vallen eronder. Ook een levensloopregeling mondt vaak uit in verlof. U hoeft als werkgever niet altijd alle verlofverzoeken te honoreren. Wel wordt verwacht dat u zich als ‘goed werkgever’ opstelt als een werknemer vrij vraagt.
Vakantiedagen en de verlofregeling
De vakantiedagen zijn een belangrijk onderdeel van de verlof regeling. Iemand met een fulltimebaan heeft recht op ten minste twintig dagen per jaar. Het aantal vakantiedagen in de verlof regeling daalt naarmate het aantal contracturen afneemt. Het precieze aantal dagen is meestal afgesproken in de bedrijfsregeling of de cao. De fiscale regels voor vakantie zijn als volgt:
- Vakantiedagen (en compensatieverlof) zijn in principe onbelast.
- Dit geldt voor maximaal 250 dagen per jaar bij een fulltimebaan. Dat is de maximale jaarlijkse arbeidsduur als u 50 weken 5 dagen per week werkt.
Verlof regeling en ouderschap
Voor ouders en aankomende ouders bestaan verschillende verlof regelingen:
- Iedere zwangere werkneemster heeft recht op zestien weken bevallings- en zwangerschapsverlof. De werkgever krijgt het salaris van de werkneemster van de uitkeringsinstantie. De werkgever op zijn beurt maakt dit bedrag over aan de werkgeefster. Zij bouwt gewoon door aan haar vakantieverlof tijdens het verlof.
- Mannelijke werknemers hebben recht op twee dagen kraamverlof. Zij moeten binnen vier weken na de geboorte van het kind gebruik maken van dit recht.
- Ouders die zorgen voor een kind jonger dan acht jaar mogen ouderschapsverlof aanvragen. Zij moeten dan wel minimaal een jaar bij een werkgever in dienst zijn. Het verlof wordt niet doorbetaald. Het maximale jaarlijkse ouderschapsverlof bedraagt dertien keer het wekelijkse aantal arbeidsuren, maar per week nooit meer dan de halve wekelijkse arbeidstijd.
Calamiteiten en de verlof regeling
Soms ontstaat er een situatie waardoor een werknemer onmiddellijk weg moet: een overlijden, een kind dat ziek wordt of een woningbrand. Een werknemer heeft dan recht op calamiteitenverlof. Het verlof duurt kort: zo lang als de noodsituatie duurt. De werknemer ontvangt gewoon loon.
Zorg en verlofregeling
Soms moet een werknemer verlof opnemen omdat een gezinslid of ouder ziek is. Er bestaan twee soorten zorgverlof:
- Een werknemer krijgt kortdurend zorgverlof om voor een ziek familielid te zorgen. Hij moet de enige zijn die de zieke kan verzorgen. De werkgever betaalt minstens 70 procent van het salaris door. Een werknemer kan aan zorgverlof per jaar hoogstens tweemaal het normale aantal uren dat hij in een week werkt opnemen.
- Een werknemer krijgt langdurend zorgverlof als een kind, partner of ouder levensbedreigend ziek is. Per jaar mag een werknemer twaalf weken lang maximaal de helft van zijn normale aantal uren opnemen aan zorgverlof. Hierover wordt geen loon betaald.
Levensloop en verlof regeling
Met de levensloopregeling kan een werknemer fiscaalvriendelijk verlof sparen voor een lang, onbetaald (deeltijd) verlof. Voor deze verlof regeling gelden de volgende eisen:
- Het verlof duurt niet langer dan drie jaar.
- De werknemer spaart maximaal 2,1 jaarsalarissen.
- De werknemer spaart per jaar hoogstens 12 procent van zijn brutosalaris.